Op één buik
Het is tijd voor warme chocolademelk. Voor een dikke sjaal. Voor wandelen door herfstige duinen met kalende bomen boven een glooiend bladerdek en eindigend in een dampend bosrestaurant met een geit voor de deur en Chateaubriand op het menu. Het is tijd voor een extra grote kop thee op de bank met je geitenwollensokken en een fleecetrui aan. Tot aan je nek dichtgeritst.
Van de herfst kan ik houden. Echt waar, de herfst is het meest inspirerende jaargetijde dat ik ken. Met wind en regen. Vroeg donker. Schemerig verlichte straatjes en warm gebrande huizen. Vergankelijke natuur. Alles wordt afgebroken zodat we over een halfjaartje weer opnieuw kunnen beginnen. Maar dan mooier, groter en sterker. Zo zie ik de herfst. Ik word oprecht gelukkig.
Zijn er ook vrouwen die van de herfst houden? Weinig, denk ik. Ja, okee, de wintercollectie is binnen, dat wel. Dat is altijd goed. Maar vrouwen die echt van het jaargetijde houden?
Volgens mij hebben we het hele jaar zon, als het aan vrouwen ligt. Lekker zon. Lekker warm, romantisch, zwoel en avontuurlijk. Wind en regen gooien natuurlijk je haar door de war en je kleren. En dan kan je die laarzen niet aan, want als ze nat worden ziet het er niet uit en je moet eerst je haar droog, want met die wind kan je niet met natte haren over straat. Dan heb je nog het hele afstemmen van de wintergarderobe, de jas past niet bij de sjaal, de broek niet bij de jas, de laarzen niet bij de broek en het geld is allang op deze maand. Dan maar chagrijnig, alsof het aan de herfst ligt.
Het belangrijkste vergeet ik nog: Ik heb het zo koud! Ze heeft het koud. De wereld warmt op, de gesmolten poolkappen beuken tegen onze dijken aan, desondanks stoken we 3,5 miljoen huishoudens op tot minstens twintig graden celsius, niet te vergeten de winkels met hun altijd openstaande deuren en het liefst ook alle openbare ruimtes. Maar nog hebben alle vrouwen het altijd maar koud. Twintig graden celsius is niet koud. Twintig graden celsius is lekker warm.
Het zit in je hoofd. Vrouwen hebben het koud omdat ze het koud willen hebben. Omdat elementen als wind, regen en geldtekort ze tegenstaan. Ze zijn niet gezellig genoeg. En ze zijn niet te controleren. Dus maken ze zichzelf wijs dat het koud is, hun hersenen reageren meteen en brengen al het bloed naar hun belangrijke organen. Die zitten dus in hun buik. Gevolg: koude handen en voeten, rillingen en jawel hoor: 'Ik heb het zo koud!'
De verwarming hoger zetten helpt geen bal. Het was namelijk al niet koud. Het enige wat helpt is tegen ze aankruipen en je warme handen op haar buik leggen. Ten eerste wordt haar buikje warm en kan het bloed gewoon weer naar haar ledematen stromen en ten tweede krijgt ze de gewenste aandacht en geloven zelfs de hersenen dat het toch echt wel lekker warm is.
Dus. Dames, wie heeft het koud?