Niet!
Warm! Wat is het toch godvergeten warm! Overal waar je komt is het warm; in de winkel, op kantoor, in de kantine, in je slaapkamer, op de sportschool...overal! Alleen buiten is het goed, daar is lucht, daar is het fris, daar is het lekker.
Het is het jaargetijde, ik weet het. Ik ben ook de uitzondering misschien en als het later op de avond wordt en ik een tijdje stilzit op de bank, dan zet ik de verwarming ook een tikkie hoger.
Ik had ooit een vriendin die had het zelfs koud in bed. 'Mag ik lekker tegen je aan liggen?'. Dat krijg je dan. En vijftien verstikkende minuten later draai je je bezweet naar je eigen helft. Of liever nog naar haar helft, die heerlijk koel is.
Dat is zo lekker aan een training. Vanuit een ijskoude kleedkamer het veld op komen. De wind snijdt door je trainingspak en de regen waait in je gezicht. Maar dat duurt maar even en dat weet je. Een paar sprintjes en drie keer springen. Dan ben je warm.
En na de warming-up en het rekken lig je met je rug op de grond en staart met een bal in je armen naar de voorbijdrijvende wolken in de gitzwarte lucht. In het schijnsel van de verlichting zie je je eigen adem in een lange sliert wegwaaien. En als je in de luwte van de struiken ligt, zie je de damp van je eigen hoofd afslaan en je hart pompt in je oren.
Dan loop je langzaam naar de douche en zingt luidkeels het laatste restje stress uit je lijf. De rest komt binnen en het kabaal zwelt aan. De kleedkamer is gezellig en je weet bij god niet waarom je je de hele dag hebt aangesteld over stomme kleine dingen.
'Hiero, zie hem dan! hij gaat chagrijnig naar de training en komt er zingend vandaan'. En hij had gelijk. Sjonge, wat ben ik blij dat ik weer lekker kan trainen.
Brrr, koud hier..
Dat is zo lekker aan samenslapen. Vanuit een ijskoude slaapkamer onder de lakens duiken. Je kussen vriest bijna vast aan je wang en je dekbed kraakt van de kou. Maar dat duurt maar even en dat weet je. Lekker een kwartiertje tegen je lief aanliggen en drie keer met je voeten tussen z’n kuiten kruipen. Dan ben je warm.
En na deze warming-up rek je je uit, draai je je op je rug en staart met je kussen in je armen naar het plafond in de pikdonkere kamer, naar voorbijdrijvende dromen die nooit uitkomen. In de stilte van de nacht hoor je je eigen adem steeds langzamer gaan. En als je in de luwte van zijn warmte ligt, hoor je je eigen hart pompen van geluk in je hoofd.
15 verstikkende minuten voor de één
een kwartiertje geluk voor de ander