Graciano Pellè
Als Nederland niet wint, dan mag van mij Italië altijd winnen. Alle corruptie en valsheid ten spijt. Alle doping en racisme vergeven. Alle fascistische neigingen onbeschouwd. Italië blijft het beste voetballand van de wereld. Abramovitsj werd eind jaren tachtig alvast voorbijgestreefd door Berlusconi die af en toe met een helikopter op Milanello landt om zich te laten vereren door zijn spelers die hij in ruil daarvoor een paar miljoen heeft gegeven. Deze man kocht zich later nog even president van Italië en heeft zelfs het respect van Gullit die toch redelijk politiek bewust lijkt te zijn en bijvoorbeeld zijn gouden schoen opdroeg aan Nelson Mandela. Gullit adoreert Berlusconi. Roman is een draaideurcrimineeltje vergeleken bij Sylvio. In Italië is alles al gebeurd. Alles wat daar gebeurt is een voorbode van wat er in Engeland, Spanje en Duitsland gaat gebeuren.
En Graciano Pellè bewijst het. Met de druk van een corrupte competitie, een waardeloze economie, puissant rijke voorzitters en een achterban vol maffia, armoede, argwaan en jaloezie mag hij de penaltyserie openen waarmee zijn generatie alsnog naar de Olympische spelen kan. Als invaller in een wedstrijd die ze met tien man uitspelen. Als invaller terwijl hij twee jaar geleden op het WK topscorer was geweest. Als invaller neemt hij de eerste penalty.
Hij neemt een aanloop en levert een Panenka af die zoo traag op het doel vliegt dat de keeper kan vallen en opstaan en dan alsnog niet bij de bal kan, omdat deze te perfect onder de lat is gespeeld. Een bal die er wel 5 of 6 keer langer over doet dan elke andere penalty er ooit over gedaan heeft om in het net te komen. Onhoudbaar. Italië had gewonnen toen ze met tien man kwamen te staan, maar ze wisten het zeker toen Graciano zijn penalty afleverde.
Dat kan alleen met Italianen.